Controleer eerst deze veelvoorkomende oorzaken
Een apparaat dat niet afpompt, niet centrifugeert, geen water neemt of onvoldoende droogt, hoeft niet direct defect te zijn. Veel problemen worden veroorzaakt door een verstopt filter, een verkeerde aansluiting of achterstallig onderhoud.
Doorloop eerst de controles die bij uw apparaat en probleem horen. Is het probleem daarna niet opgelost? Neem dan contact op met onze technische dienst.
Bij rook, brandlucht, vonken of water bij elektra
Schakel het apparaat uit, haal indien veilig mogelijk de stekker uit het stopcontact en draai bij een wasmachine de waterkraan dicht. Gebruik het apparaat niet opnieuw totdat de situatie technisch is beoordeeld.
Maak de behuizing niet zelf open en verwijder geen elektrische of technische onderdelen.
Wasmachines
Kies hieronder het probleem dat het beste overeenkomt met wat u ervaart.
01 De machine pompt niet af of centrifugeert niet
Het pompfilter is verstopt door bijvoorbeeld muntgeld, knopen, haarspelden, stof of ander klein materiaal. Een wasmachine gaat meestal niet centrifugeren wanneer het water niet kan worden afgepompt.
- Schakel de machine uit en haal de stekker uit het stopcontact.
- Leg handdoeken en een lage opvangbak bij het filterklepje aan de onderzijde van de machine.
- Heeft de machine een klein noodafvoerslangetje? Laat het water daar eerst rustig uitlopen.
- Draai het pompfilter langzaam open. Houd rekening met water dat uit de machine kan komen.
- Verwijder vuil en voorwerpen en controleer voorzichtig of het pompschoepje vrij kan bewegen.
- Plaats het filter correct terug en controleer na het starten of het nergens lekt.
02 De machine neemt geen water
De waterkraan staat dicht, de toevoerslang is geknikt of de kraan levert onvoldoende water.
- Controleer of de waterkraan volledig geopend staat.
- Controleer of de toevoerslang nergens is geknikt of afgekneld.
- Controleer of de deur volledig gesloten en vergrendeld is.
- Draai de kraan dicht voordat u een toevoerslang losmaakt.
- Test de kraan alleen met een emmer wanneer u zeker weet dat u de slang daarna correct en lekvrij kunt terugplaatsen.
03 De machine blijft hangen of het programma duurt erg lang
De afvoerslang kan te diep in de afvoer zitten. Hierdoor kan hevelwerking ontstaan, waarbij de machine water blijft innemen en tegelijkertijd weer afvoert.
- Plaats de afvoerslang ongeveer 10 tot maximaal 15 centimeter in de afvoerpijp.
- Zorg dat de slang stevig vastzit en niet uit de afvoer kan vallen.
- Sluit de afvoerpijp niet volledig luchtdicht af met rubber, tape of ander materiaal.
- Controleer ook het pompfilter op verstopping.
04 Er komt water of schuim uit de wasmiddellade
Er wordt te veel wasmiddel gebruikt, het wasmiddelbakje is vervuild of de doorgang vanaf het bakje is gedeeltelijk verstopt.
- Gebruik minder wasmiddel en volg de dosering op de verpakking.
- Haal het wasmiddelbakje uit de machine en reinig het met warm water.
- Reinig voorzichtig de zichtbare ruimte waar het bakje in schuift.
- Gebruik geen kokend water en steek geen scherpe voorwerpen in leidingen of openingen.
05 De machine lekt bij de deur
Er kan vuil, haar of wasgoed tussen het deurglas en de rubberen manchet zitten. De manchet kan ook beschadigd of gescheurd zijn.
- Schakel de machine uit en maak het deurglas schoon.
- Controleer de zichtbare rand van de rubberen manchet op vuil, haren en kleine voorwerpen.
- Controleer of er geen wasgoed tussen de deur en de manchet zit.
- Gebruik de machine niet wanneer de manchet loszit, gescheurd of zichtbaar beschadigd is.
06 Schrapend, tikkend of hard bonkend geluid
Er kan een voorwerp tussen de trommel en kuip zijn gekomen. Voorbeelden zijn een beugel van een beha, muntgeld of ander metalen materiaal. Hard bonken kan ook worden veroorzaakt door een onstabiele plaatsing of ongelijk verdeelde belading.
- Stop het programma en controleer de trommel op losse voorwerpen.
- Controleer of de machine stevig en volledig waterpas staat.
- Verdeel zwaar wasgoed opnieuw en probeer een lager centrifugetoerental.
- Draai de trommel voorzichtig met de hand en luister of het geluid steeds op dezelfde plek terugkomt.
07 De was ruikt niet fris
Zeep-, vet- en vuilresten kunnen zich in het wasmiddelbakje, de manchet en de machine ophopen. Dit gebeurt vooral wanneer vaak op lage temperaturen wordt gewassen of te veel wasmiddel wordt gebruikt.
- Reinig het wasmiddelbakje en de rubberen manchet.
- Controleer en reinig het pompfilter.
- Draai een leeg onderhoudsprogramma of katoenprogramma op 90 of 95 graden.
- Gebruik hiervoor een geschikt wasmachinereinigingsmiddel volgens de aanwijzingen van de fabrikant.
- Laat de deur en het wasmiddelbakje na gebruik op een kier staan.
08 De machine blijft water innemen
Er kan sprake zijn van een verkeerde afvoeropstelling, hevelwerking of een technisch probleem met de waterniveaumeting.
- Schakel de machine uit.
- Draai de waterkraan dicht.
- Controleer of de afvoerslang niet te diep in de afvoerpijp zit.
- Start de machine niet steeds opnieuw.
Wasdrogers
Kies hieronder het probleem dat het beste overeenkomt met wat u ervaart.
01 De droger doet erg lang over het drogen
Filters, luchtkanalen of de uitneembare condensor kunnen vervuild zijn. Hierdoor kan warme lucht onvoldoende door het apparaat circuleren.
- Reinig alle deurfilters na iedere droogbeurt.
- Spoel daarvoor geschikte filters regelmatig onder de kraan en laat ze volledig drogen voordat u ze terugplaatst.
- Heeft de droger een uitneembare condensor? Reinig deze volgens de gebruiksaanwijzing.
- Controleer of luchtroosters en openingen vrij zijn van stof.
- Vul de trommel niet verder dan de maximale belading van het gekozen programma.
02 De droger stopt terwijl de was nog vochtig is
De vochtsensoren in de trommel kunnen vervuild zijn door kalk, wasmiddel- of wasverzachterresten.
- Schakel de droger uit en laat hem afkoelen.
- Reinig de metalen sensorstrips in de trommel voorzichtig met een zachte doek en een kleine hoeveelheid schoonmaakazijn.
- Neem de sensor daarna af met een schone vochtige doek.
- Gebruik bij wasgoed dat in de droger gaat zo weinig mogelijk wasverzachter.
- Probeer ter controle een tijdgestuurd programma in plaats van een automatisch droogprogramma.
03 De droger wordt uitzonderlijk heet
Een sterk vervuild filter, geblokkeerde luchtstroom of technisch defect kan oververhitting veroorzaken.
- Stop het programma en schakel de droger uit.
- Haal indien veilig mogelijk de stekker uit het stopcontact.
- Laat het apparaat volledig afkoelen.
- Controleer en reinig de zichtbare filters.
04 De trommel draait niet
De deur kan niet goed gesloten zijn, de trommel kan geblokkeerd worden of er kan sprake zijn van een technisch probleem met de aandrijving.
- Controleer of de deur volledig dicht en vergrendeld is.
- Verwijder een deel van de belading.
- Draai de trommel alleen wanneer de droger uitgeschakeld is voorzichtig met de hand.
- Controleer of er geen kledingstuk tussen de trommel en deuropening zit.
05 Een luchtafvoerdroger droogt langzaam
De luchtafvoerslang kan verstopt, afgekneld, te lang of voorzien zijn van te veel scherpe bochten.
- Schakel de droger uit.
- Controleer de slang op stof, knikken en beschadigingen.
- Maak de afvoerroute zo kort en recht mogelijk.
- Controleer ook het buitenrooster op een blokkade door stof of vuil.
06 De trommel draait zwaar of maakt een vreemd geluid
Er kan vuil rond de trommelafdichting zitten of sprake zijn van slijtage aan een lager, rol, viltband of ander onderdeel.
- Schakel de droger uit en maak de trommel leeg.
- Controleer de zichtbare rand rond de trommel op vuil.
- Draai de trommel voorzichtig met de hand en luister of het geluid steeds terugkomt.
07 De warmtepompdroger is net vervoerd
Het koelmiddel en de olie in het warmtepompsysteem moeten na transport tot rust kunnen komen.
- Is de droger rechtop vervoerd? Wacht ongeveer 2 tot 4 uur voordat u hem inschakelt.
- Is de droger liggend of sterk gekanteld vervoerd? Wacht minimaal 8 uur.
- Plaats de droger stabiel, waterpas en met voldoende ventilatieruimte.
Regelmatig onderhoud maakt een groot verschil
Gebruik niet te veel wasmiddel
Overdosering veroorzaakt zeepresten, schuimvorming, nare geuren en kan de werking van een wasmachine verstoren.
Reinig filters regelmatig
Een verstopt pompfilter, pluizenfilter of luchtkanaal zorgt voor slechtere werking en een hoger energieverbruik.
Let op vreemde voorwerpen
Controleer zakken en gebruik een waszak voor kleding met beugels, metalen onderdelen of kleine accessoires.
Neem contact op met onze technische dienst
Vermeld bij uw bericht altijd de RataPlan-vestiging, aankoopdatum, het merk, modelnummer, eventuele storingscode en welke controles u al heeft uitgevoerd.